Het Wilde Westen was nog nooit zo woke. Of zo ontzettend dom.
Het is 1890. Welkom in Sad City, een stoffig gat ergens in het Wilde Westen, waar de whiskey smerig is, de mannen nog smeriger zijn en de paarden doorgaans verstandiger dan hun berijders.
In de saloon The Drunken Donkey zwaait de grofgebekte barvrouw Sam Malone de scepter. Haar vaste clientèle bestaat uit een bonte verzameling mislukkelingen en zonderlingen. Zo is daar Susannah Summers, een Rotterdamse sekswerker met een opvallend spraakgebrek en een nogal ongecompliceerde kijk op het leven. Verder treffen we Angus MacGyver, een man die hardnekkig probeert de rede te laten zegevieren, maar wiens wetenschappelijke inzichten consequent worden weggehoond.
De situatie wordt er niet rustiger op wanneer Bad Boy Bubby Brown, een levensgevaarlijke desperado met een houten been onder zijn arm, de saloon binnenstapt. Even later maakt ook de legendarische revolverheld Sonny Crockett zijn opwachting, vergezeld van zijn seksueel nogal ondernemende stokpaard Hete Bliksem. Voeg daarbij een sheriff die nog bang is voor zijn eigen schaduw en de kletsnatte, Duits sprekende Natte Bever, en alle ingrediënten voor een volstrekt ontspoorde western zijn aanwezig.
Wat volgt is een aaneenschakeling van misverstanden, beledigingen, schietpartijen, seksuele toespelingen en volkomen absurde gesprekken. Ondertussen worden de grote maatschappelijke kwesties van onze eigen tijd op niet al te subtiele wijze door de saloondeurtjes naar binnen gesleept.
Want ANDERHALVE MAN EN EEN PAARDENKOP speelt zich dan wel af in 1890, de bewoners van Sad City blijken verdacht veel op de mensen van nu te lijken. Ze weten alles beter, geloven liever hun buurvrouw dan een wetenschapper, verwarren hun vooroordelen met feiten en vinden vooral dat je tegenwoordig ook helemaal niks meer mag zeggen.
En als de kogels eenmaal beginnen te vliegen, wordt het er niet noodzakelijk verstandiger op.
Humor en thematiek
*Anderhalve man & een paardenkop* is een absurdistische komedie met elementen van klucht, satire, slapstick en cabaret. Het stuk speelt nadrukkelijk met de clichés van de klassieke western: de stoere revolverheld, de onverschrokken bandiet, de hoer met het gouden hart, de wijze oude man en de sheriff die de orde moet handhaven.
Alleen blijken ze stuk voor stuk behoorlijk ongeschikt voor hun eigen rol.
Onder alle flauwekul schuilt een satire op onze hedendaagse omgang met wetenschap, waarheid, politieke correctheid, discriminatie, seksuele moraal en de vrijheid van meningsuiting. Het stuk neemt daarbij niemand bijzonder serieus, de personages zichzelf nog het minst.
De humor is regelmatig plat, seksueel getint, ongepast en soms ronduit grof. Dat is geen ongelukje: de botsing tussen de ongegeneerde bewoners van het Wilde Westen en onze moderne gevoeligheden vormt juist de motor van de voorstelling.
Rollen en bezetting
Het stuk telt **zeven sprekende rollen**, die elk een uitgesproken karakter hebben en volop mogelijkheden bieden voor fysiek spel, typetjes en karikaturale accenten.
Sam Malone – De smoezelige, sarcastische barvrouw van The Drunken Donkey. Laat niet over zich heen lopen en blijkt uiteindelijk gevaarlijker dan menige cowboy.
Susannah Summers – Een flink opgedirkte sekswerker met een zwaar Rotterdams accent en een nadrukkelijke slis. Niet bepaald fijnbesnaard, maar met een groot hart.
Angus MacGyver – De verstandige man die alles beter weet en daar ook regelmatig gelijk in heeft. Zijn probleem is alleen dat niemand naar hem wil luisteren.
Bad Boy Bubby Brown – Een gevreesde outlaw die met zijn uiterlijk en stoere praatjes iedereen probeert te imponeren. Zijn reputatie is indrukwekkender dan zijn verstand.
Alex P. Keaton – Een overdreven keurige, bekakte sheriff met een Brits accent. Zo ongeveer de laatste persoon die je zou willen inschakelen bij een gewapend conflict.
Sonny Crockett – Een zelfverklaarde held van het Wilde Westen, compleet met zonnebril, Amerikaanse bravoure en zijn trouwe stokpaard Hete Bliksem.
Natte Bever – Een voortdurend doorweekte, Duits sprekende Native American met een onbedwingbare behoefte aan eten, seks en politiek incorrecte grappen.
De rollen kunnen in beginsel door mannen en vrouwen worden gespeeld. Juist het uitvergroten van de personages, inclusief hun accenten en maniertjes, biedt veel komische mogelijkheden.
Speelduur en speelruimte
Geschatte speelduur: 45–60 minuten, afhankelijk van speeltempo, muzikale overgangen en publieksreacties.
De voorstelling is oorspronkelijk opgezet als **cafétheater**. Het publiek zit aan tafeltjes rondom de speelvloer en de bestaande bar maakt deel uit van het decor. Een aantal bezoekers kan vooraf gevraagd worden om als kaartspelers aan een tafeltje plaats te nemen. Dat zorgt voor een directe, informele sfeer waarin spelers en publiek voortdurend met elkaar in contact staan.
Het stuk kan ook in een kleine theaterzaal of op een andere intieme speellocatie worden opgevoerd. Een uitgebreide decorbouw is niet noodzakelijk: een bar, wat tafels, stoelen en herkenbare westernattributen volstaan grotendeels.
Techniek en bijzonderheden
Muziek en geluidseffecten spelen een belangrijke rol. Denk aan saloonpiano, klassieke westernmuziek, dreigende duelmelodieën, pistoolschoten en een gezamenlijke linedance als afsluiting. De belangrijkste benodigdheden zijn westernkostuums, een stokpaard, enkele pistoolrekwisieten, een houten been, een wanted-poster en wat klein bar- en spelmateriaal. Een livepianist kan de voorstelling extra sfeer geven, maar is niet noodzakelijk. Met vooraf klaargezette geluidsfragmenten is het stuk eveneens goed uitvoerbaar.
Voor wie?
ANDERHALVE MAN EN EEN PAARDENKOP is geschikt voor amateurtoneelgezelschappen, cabaretgroepen en spelers die plezier hebben in fysiek spel, uitgesproken typetjes, tekstgrappen en ongegeneerde absurditeit.
Het stuk is vooral bedoeld voor een volwassen publiek dat tegen een stootje kan en niet onmiddellijk in het zadel springt bij een foute grap.